Van Frustratie naar ontwikkeling

Mijn ouders gaan op opvoedreis en ontdekken frustratie. Ik zou graag met frustraties willen leren omgaan en heb mijn ouders hier hard bij nodig.

Het is zaterdagochtend, 9:00 uur. Veertien jongens van 8 jaar rennen over het voetbalveld en hebben het naar hun zin. Het plezier is bij iedereen hetzelfde, de wil om te winnen verschilt onderling wel. Het is 0-0 als aan de linkerkant de bal hard naar voren wordt geschoten. Opeens staan er 2 aanvallers vrij en rennen op de keeper af. De keeper die zojuist nog zo zijn verdedigers had staan coachen. Nu staat hij er plots alleen voor, daar waar hij zo bang voor was. Hij komt zijn doel uit, maar kan niet voorkomen dat de bal onder hem door in het doel belandt. De trainer spoort zijn jongens weer aan en de bal rolt weer. Het gaat goed. Het team is in de aanval. De trainer kijkt rond en zijn blik valt op de keeper. Hij twijfelt en zegt in zichzelf: “staat hij nou te huilen?”. Ik snap dat hij baalt, denkt de trainer, maar stoppen is geen optie. Het team is nog steeds aan de bal en de trainer besluit niet in te grijpen. Hij weet dat deze frustratie er mag zijn en dat deze jongen daar veel van leert. De trainer stapt in zijn richting en zegt de jongen dat dit gevoel er mag zijn en dat hij zijn tranen mag laten zien. Hij weet ook dat hij er later bij de jongen op terug zal komen.

De trainer kiest ervoor om de keeper zijn frustratie te laten voelen. Deze heeft hij nodig om zich vast te bijten. Om zelf te leren hoe hij het de volgende keer kan veranderen. De trainer besloot zelfs te benoemen naar de keeper dat zijn gevoel ok was. Juist doordat hij zag dat de frustratie gezond was, was hij nuttig. Hij wist daarnaast dat zijn keeper voldoende zelfvertrouwen en zelfredzaamheid heeft om zijn eigen frustratie te kunnen dragen.

Had de keeper teveel frustratie gehad dan had hij ook zijn kop in het zand kunnen steken. Boosheid of weglopen van de keeper van het veld had het gevolg kunnen zijn. Gezonde frustratie gaat samen met voldoende zelfvertrouwen en zelfredzaamheid. Een kind met voldoende zelfredzaamheid kan zelf al een oplossing vinden waar hij tegenaan loopt of is in staat hier hulp voor te vragen. Niet alleen voor een trainer maar voor alle opvoeders is het van belang om het kind te kennen in wie hij is, wat hij kan en wat jij dus van hem kan verwachten.

Hoe meer een kind zijn gezonde frustratie durft, wil en kan aangaan hoe meer nieuwe dingen er geleerd kunnen worden. Voor het leren van nieuwe dingen is frustratie nodig. Frustratie en emoties gaan samen. Ze horen bij het leven. Je herkent ze door o.a. huilen, balen, boosheid terwijl het kind níet opgeeft. Of het kind geeft heel even op, maar gaat door wanneer hij positief wordt aangespoord.

Als het kind op dit moment nog moeite heeft met gezonde frustratie is er eerst nog iets anders nodig. De opstapkaarten, ontwikkelt door Treen je Breen, geven opvoeders handvatten en opdrachten om met de 23 verschillende opvoedthema’s te oefenen. Niet alleen gezonde frustratie maar zelfredzaamheid, potentie & autonomie zijn themakaarten die bij bovenstaand voorbeeld helpend kunnen zijn. Wie wil er nu niet dat zijn kind ook doorgaat als het lastig is.

Als ik even opgeef heb ik juist iemand nodig die mij een duwtje in de rug geeft. Ik twijfel of het makkelijk zal zijn, maar ik beloof dat ik er ook voor zal gaan. Ik ben benieuwd wat mijn ouders en ik gaan beleven als ze mij met mijn gezonde frustratie gaan helpen.

door Edith Steijns Treen je Breen -Groei in Opvoeding en Onderwijs-

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren

Bewaren